Bom met een trekkoortje


Wie mij een beetje kent, weet dat ik geen ochtendmens ben. Sterker nog, het eerste uur nadat ik mijn ogen (veelal gedwongen) open heb gedaan, breng ik het liefst in alle rust door. Ikzelf hou het erop dat ik ’s ochtends niet zo’n prater ben, anderen noemen het gerust een ochtendhumeur. Hoe het ook zij, een vroege vogel zal ik nooit worden.

Groot was dan ook de schrik toen bleek dat mijn vriend en ik voor onze vakantie al om half 7 moesten vliegen. Nogmaals keek ik op mijn vliegticket en ja, ik had het echt goed gelezen: 6.30 uur vertrek. Om half 7 vliegen betekende om half 3 opstaan. In de nacht… Vol goede moed gingen we de avond ervoor vroeg op bed. Maar uitgerekend deze avond besloot de oude eend van de buren dat het tijd was om zijn laatste adem uit te blazen. Terwijl wij dwangmatig probeerden om de oogjes te sluiten, hoorden we wanhopige reddingspogingen om de eend vanaf de parkeerplaats in beweging te krijgen. Helaas zonder succes. Toen zo’n drie uur later de wekker afging, moesten we toch echt opstaan. En mede dankzij het leuke vooruitzicht lukte dit aardig. Keurig op tijd kwamen we op Schiphol aan.

De vakantie kon beginnen. Nou ja, bijna. Nog even door de douane en we konden lekker relaxen. Althans, dat was het plan. Me van geen kwaad bewust wandelde ik door de poortjes van de douane. “Van wie is deze tas?” Nog zonder om te kijken, wist ik al dat ‘ie hoogstwaarschijnlijk van mij zou zijn. En inderdaad, het was de mijne. “Wat is dit?”, vroeg de douanier me terwijl hij mijn lenzenvloeistof aan het bestuderen was. Ik keek hem aan alsof hij achterlijk was. “Nou, lenzenvloeistof he.” Met een diepe frons beet hij me toe: “Dat mag niet he. Deze verpakking bevat 120 ml, terwijl je niet meer mee mag dan 100 ml.

Damn, daar had ik niet goed naar gekeken. Mijn fout. Zuchtend begaf ik me wederom naar de incheckbalie, want mijn lenzenvloeistof moest ingecheckt worden. Net als mijn handbagage, want de vloeistof mocht niet alleen op reis. Bijna had ik hier nog extra voor moeten betalen, want ‘dat mag niet he’. Nee, dat weet ik en daarom sta ik hier. Het grapje van mijn vriend dat het overgewicht van de overige passagiers bijna een extra koffer per persoon bedroeg en dat mijn handbagage van 1 kilo hierbij in het niet viel, kon ze niet waarderen. Mijn ‘voorstel’ om dan maar mijn koffer terug te halen, zodat ik daar mijn lenzenvloeistof in kon doen evenmin.

Na vijf lange minuten met een uiterst chagrijnige grondstewardess was mijn handbagage ingecheckt en hoefde ik ondanks haar dreigementen niet bij te betalen. Ik vervolgende dus weer mijn reis naar de douane. “He, it’s you again.” Yep, it’s me again. Ik wilde al snel door de douane lopen, zodat ik eindelijk neer kon ploffen op één van de vele bankjes. Maar helaas, het alarm ging af. Ik was door de computer automatisch geselecteerd om te worden gefouilleerd. Ik werd dus wederom uit de rij geplukt. Terwijl mijn vriend een gesprek voerde met een vrouw die het zo goed vond dat er zo streng gecontroleerd werd, stond ik ondertussen wijdbeens te wachten op wat zou komen.

Aangezien ik geen handbagage meer had, moest ik mijn noodzakelijke attributen toch ergens anders kwijt. Terwijl de potige dame mijn broek doorzocht, vroeg ze streng: “Wat is dit?” Zuchtend haalde ik mijn OB uit mijn broekzak. “Een tampon.” Met alle plezier wilde ik zeggen dat het ook wel bekend stond al een bom met een trekkoortje, maar ik hield wijselijk mijn mond zodat we eindelijk op vakantie konden. Een beetje ontspanning, daar was ik wel aan toe…

Geef een reactie